Het uitbetalen van gespaard vakantie- en compensatieverlof (spaarverlof) tijdens het dienstverband als topfunctionaris, vormt bezoldiging voor de WNT (op grond van artikel 2, eerste lid, onderdeel i, Uitvoeringsregeling WNT) in het jaar van uitbetalen en telt dus mee voor de toets aan het bezoldigingsmaximum in dit jaar.

Hierbij blijft de mogelijkheid bestaan om spaarverlof dat aantoonbaar in een eerder kalenderjaar is opgebouwd voor de toets aan het bezoldigingsmaximum aan dat eerdere jaar toe te rekenen (met toepassing van en onder de voorwaarden van artikel 3, tweede lid, Uitvoeringsregeling WNT). Dit ongeacht of deelname aan het spaarverlof wel of niet rechtstreeks, dwingend en eenduidig voortvloeit uit een cao voor werknemers of een andere collectieve regeling voor werknemers of een wettelijk voorschrift en of het spaarverlof wel of niet hoger is dan het fiscaal wettelijke maximum van 100 weken.

Voorbeeld  

Topfunctionaris A neemt sinds 1 januari 2021 deel aan de regeling voor spaarverlof van WNT-instelling X. De regeling voor spaarverlof is opgenomen in de cao die op X van toepassing is. A maakt gebruik van de cao-regeling voor spaarverlof en spaart jaarlijks vier weken verlof.

A valt rechtstreeks, dwingend en eenduidig onder de werkingssfeer van de cao-regeling voor doorbetaald spaarverlof. A laat in kalenderjaar 2025 gedurende het dienstverband de loonwaarde van zes weken gespaard verlof uitbetalen. Voor de WNT vormt dit uitbetaald loon per definitie bezoldiging. Voor zover deze uitbetaling tot overschrijding van het bezoldigingsmaximum in 2025 leidt, ook (voor zover dat mogelijk en toegestaan is) na toerekening van in eerdere kalenderjaren opgebouwd spaarverlof aan die eerdere kalenderjaren, is het meerdere onverschuldigd betaald.

N.B.: De hiervoor beschreven gevolgen voor de WNT treden op voor zover gespaard verlof wordt uitbetaald gedurende de periode van functievervulling als topfunctionaris, inclusief de nawerking van het zijn topfunctionaris gedurende vier jaren nadat de topfunctie is neergelegd of beëindigd en er sprake is van behoud van een dienstverband bij dezelfde WNT-instelling (artikel 1.1, onder b, sub 6°, WNT).